Copyright 2018 - Henk van den Beukel

Stories

This page contains personal stories (unfortunately mainly in Dutch), which bring the history of individual persons closer to us.

In that respect I had to think of what Marjan Schwegman, departing director of the NIOD, remarks in an interview in the Volkskrant (February 13, 2016):

How do you still get new information seventy years after the end of the war?
'Remarkably enough there emerges a flow of new material from attics and from basements. Children and grandchildren find it in the houses of parents and grandparents and realise themselves that it has value. We receive also ever more diaries and other material providing more insight in hiding situations.'


Voor Marian,

Het onderzoek naar jouw voorouders en dan met name van je grootvader Jakob Valk was een leerzaam en boeiend onderzoek, omdat wij geconfronteerd werden met het reïntegratieproces van de Joden in Nederland. Uit het boek De Joodse Gemeente van Veendam-Wildervank, Muntendam en Meeden hebben we veel onderlinge relaties kunnen vastleggen. Met aanvullend onderzoek bleken in totaal 2938 personen uit die regio een onderlinge band te hebben. In dit boekje tref je een lijst aan van alle huwelijken die deze families hebben gesloten. In totaal gaat het om 1001 relaties.

Van de hand van Dirk Veenhuizen het indrukwekkende verhaal over de kinderen Max, Salla, Lotte en Josef Aussenberg afkomstig uit Keulen.

Hier het door Wity Weidgraaf aangeleverde parenteel van Benjamin Behr met nazaten in Groningen, Drenthe, Friesland en de rest van Nederland (o.a. Amsterdam, Rotterdam en Den Haag) en in Paramaribo.

During the war Vroukje Dwinger hided in our home in Duivendrecht. Initially, she was married with Daniël Zaligman and after his passing away she remarried his brother Salomon Zaligman, both from Dwingeloo. My parents jnew them via his work at the abattoir in Amsterdam. As small children we bribed her name Cornelia Buning on her falsified identity card into Aunt Buny, as she always remained to be known in our family after the war. On our own family website I published her story .
Henk van den Beukel

During the preparations for this project, from which the Total overview "Sjoa Drenthe, Joodse oorlogsslachtoffers in de provincie Drenthe" resulted, Jan Ridderbos prepared also a number of separate genealogies of 8 Jewish families in Drenthe spread over various towns.
Those are the following families:



Geert Nienhuis heeft een indringend verhaal geschreven over zijn herinneringen aan de Joodse bewoners van de verschillende huizen in de Alteveerstraat in Assen en hoe het hen vergaan is in de eerste jaren van de oorlog.

Er is in het gemeente archief van Beilen een lijst met 30 namen van Joodse mensen, die bij de razzia in de nacht van 2 op 3 oktober 1942 werden opgepakt en afgevoerd, inclusief 12 personen, die werden verpleegd in Stichting Beileroord. Er is ook nog een lijst van 9 juli 1942, waarop 4 Joden van Beileroord staan, die moeten worden opgepakt. Het is onduidelijk in hoeverre dat ook is gebeurd. Van al deze personen heeft niemand, behalve Carl Polak uit dit verhaal, de oorlog overleefd.
Foppe Kooistra heeft zich in deze geschiedenis verdiept. Hij weet, dat er mensen zijn, die Carl na de oorlog in Beilen hebben zien lopen. Maar hij is benieuwd of er ook mensen zijn die hem meer kunnen vertellen over Carl Polak, bij wie en waar hij heeft gewoond tijdens en na de oorlog en meer om zijn verhaal te kunnen completeren.

Al werkende aan de persoonsgegevens treffen deze gegevens je soms bijzonder.
Zo ook toen Winnie de onderstaande gegevens in het personenbestand invoerde en ons daarvan deelgenoot maakte:

"Ik voeg net de gegevens toe van Jozef van der Horst, (Hoogeveen, 3 november 1882-Auschwitz, 7 september 1942.)
Opvallende gegevens.
Jozef was getrouwd met Roosje de Vries. Roosje is op 22 mei 1942 overleden te Amsterdam. Jozef komt op enig moment in Kamp Westerbork terecht. (al voor het overlijden van Roosje?)
Op 3 september 1942 trouwt hij daar met Margaretha Bartels, weduwe van Jozeph Slier. Een verstandshuwelijk? Proberen ze zo aan deportatie te ontkomen? Een grote liefde? Proberen ze zo samen de reis naar het oosten te maken?
4 dagen na de huwelijkssluiting worden Jozef en Margaretha in Auschwitz omgebracht."

Grafsteen Jitta Jacoba NiewiedIn haar boekje “De arme dood, Begraafplaats Veenhuizen ~ een rondleiding” beschreef Anja Schuring bijzondere verhalen bij een aantal grafstenen. Zij kwam echter niet toe aan de enige grafsteen op de afzijdig gelegen en niet meer in gebruik zijnde Joodse begraafplaats.

Die grafsteen is van Jetta Jacoba Bargebuhr (1809-1862), de vrouw van Izaak Nathan Nieuwied, onderwijzer, koster, ritueel slachter en voorganger van de synagoge in Veenhuizen. Zij overleed op 23 september 1862 te Veenhuizen.

De vertaalde Hebreeuwse tekst op de steen luidt:
"Hier is het graf van een gewaardeerde vrouw, een flinke vrouw, echtgenote van Ieziek Niewied, begraven met veel eer op de 2e dag Rosj Hasjanna (Nieuwjaar) 5623. Moge haar ziel gebundeld worden in de bundel des levens."

Die intrigerende steen vormde de aanleiding voor dit verhaal om wat meer van haar achtergrond uit te zoeken en ook waarom haar man niet ook daar is begraven.

Bij het zoeken naar die achtergrond werd ik echter meegezogen in de geschiedenis van de Joden in Ostfriesland (dat in de Franse tijd zelfs nog even bij Nederland hoorde) voor en tijdens de oorlog, waardoor nu de volgende lijnen opdoemden:
1.    De familie van Jetta Jacoba Bargebuhr
2.    De Joodse gemeente en begraafplaats in Veenhuizen
3.    De Joodse geschiedenis van Ostfriesland, incl het Waddeneiland Norderney
4.    De plaatsen Norden van Jitta’s familie en Bargebuhr als herkomst van haar familienaam (en ook van de NLse familienaam Bargeboer)

Op de website van 'Collectief geheugen van Gieten' staan veel herinneringen, zo ook een persoonlijke notitie van Dick Scholing genaamd "De laatste groeten"…

Bij mijn buren hangt in de hal van hun woning een lijstje met daarin een geschreven brief. Vaak liep ik daar achteloos aan voorbij. Tot ik van Henk & Roelie Zwiers het verhaal kreeg te horen achter deze brief, gericht aan de ouders van Roelie. Afkomstig van een Joodse familie uit Gieterveen, geschreven op de dag voordat ze vanuit Westerbork op transport werden gezet naar Auschwitz.

De brief is kort, maar bevat een zeer dramatische zinsnede: ‘...de beste en laatste groeten...’

Het gehele verhaal (incl de moeilijk leesbare tekst) is te lezen op http://www.geheugenvangieten.nl/persnot_scholing_2.html   

Laatste groet Gieten1    LaatsteGroetGieten2 
In Gees hebben al vroeg joodse families gewoond. Voor de Tweede Wereldoorlog zijn ze allemaal uit het dorp vertrokken, maar de tekenen van hun verblijf zijn er nog: het Jeudenhoessie, het Joodse begraafplaatsje en de verhalen. Dit verhaal van Kees van Dijk, lid van de werkgroep rijksmonumenten van de Historische Vereniging Klenckerheugte, Oosterhesselen, Gees en Zwinderen, gaat over de geschiedenis van deze families.

Mozes Simons, ‘jeude’ en koopman, was de eerste Simons die, door in te trouwen, in 1864 in Gees kwam te wonen.
Mozes, al snel bekend als jeuden Simons en in het dorp ook wel Moos de jeude genoemd, kwam oorspronkelijk uit Twente, waar hij in 1833 te Ootmarsum werd geboren.
Op één van zijn reizen kwam hij in Gees terecht bij de joodse familie Soosman, die daar in het 'jeudenhoessien' woonde aan de Oude Steeg.

Dit verhaal uit het blad 'Klenckerheugte' over de familie Simons uit Gees is van de hand van Jan Pier Cleveringa. Hij schreef ook het boekje "Soosman en Simons, de geschiedenis van twee joodse families in Gees", dat nog steeds verkrijgbaar is in het TIP kantoor in Gees.

Tijdens de Tweede Wereld oorlog woonden er in Dalen 5 Joodse gezinnen, die goed ingeburgerd waren in de Dalense gemeenschap.
Dat waren het gezin van Hartog Zilverberg, 3 gezinnen Bierman en het gezin Ten Brink.
Van al deze mensen heeft Suze Zilverberg als enige op wonderbaarlijke manier de oorlog overleefd. Dan is zij moederziel alleen, want niet alleen haar beide ouders, broer en zus, maar ook van al haar 25 ooms, tantes, neven en nichten blijkt niemand meer in leven.
Uit Nieuwsbrief 54 van juli 2015 van de Stichting Aold Daol'n konden wij bijgaand verhaal over haar leven plaatsen.

Op de site van de Joodse Begraafplaats Assen hebben wij overigens een video met een interview staan met Suzanne Bolt-Zilverberg.
Suzanne overleed op 15 februari 2017 op 93-jarige leeftijd, waar bijgaand artikel in De Verdieping in Trouw van 27 maart 2017 aandacht besteedde.


Een artikel van Jan Brinks


Toen de joodse koopman in manufacturen, David Meijer van der Vegt (*1793 Sleen), in 1847 stierf was dit de aanleiding tot een reeks ingrijpende gebeurtenissen in de familie Bierman, die in 1942 abrupt eindigde door een razzia van de Duitse bezetter.


Inleiding
Op 10 juli 1942 wordt een groep van ongeveer 850 joodse mannen – in de leeftijdscategorie van 18 tot 65 jaar - uit de stad en provincie Groningen weggevoerd naar werkkampen in Overijssel en Drenthe. Liefst 120 van hen worden ondergebracht in kamp De Fledders in de gemeente Norg. Voor de Duitsers zijn het echter geen werkkampen, maar wachtkamers voor verder transport naar de vernietigingskampen.

Mimi en BarendThe Frisian Film Archive acquired unique pictures of Jewish Joods Leeuwarden from 1939. Some weeks ago the film archive was surprised by a visit of the Boers family from Amsterdam / Israël.
Yvette and André Boers brought with them a dvd with pictures of the marriage movy of their parents from 1939. The movy shows an insistent impression of Jewish life in Leeuwarden short before the Second World War and contains extraordinary pictures of the Jewish marriage ceremony in the synagogue of Leeuwarden, with main rabbi A.S. Levisson in function.


Barend Boers and Mimi Dwinger marry on April 18, 1939 in Leeuwarden. Three days later they flee from Amsterdam via Lyon, the Pyrenees and Spain to England. They are transferred to a Jewish refugee camp on Jamaica. It is a barren and daredevilish flight out of Europa, with imprisonments in France and Spain.

In mei 1940 voltrok zich de grootste golf zelfmoorden uit de Nederlandse geschiedenis van mensen, die geen andere uitweg meer zagen na de inval van de Duitsers. 
BriefJacobSackDat geldt ook het aangrijpende verhaal van Nardus Cohen en Flora Zeehandelaar, dat werd uitgezocht door Freda Cohen Rapoport.
Op 17 mei besloten zij gezamenlijk, klaarblijkelijk de dreiging voelend die joden te wachten staat, zichzelf te doden. Ze werden begraven op de joodse begraafplaats in Muiderberg, voorzien van een gezamenlijke steen. Daarop staat eufemistisch: “Overleden bevonden 17 mei 1940”. Nardus is 61 jaar geworden, Flora 55.
Zij waren niet de enigen die de nazi’s vreesden, in Nederland niet, en binnen de familie niet.
Een dag eerder, op 16 mei, benamen in Wassenaar Emma Zeehandelaar (
een tante van Flora), haar twee zonen, haar moeder en haar aanstaande man tevens zwager, zich het leven. Wat zij daar als bewoners van Eindhoven deden, kan worden uitgelegd dankzij een hartverscheurende afscheidsbrief die één van hen schreef, Jacob Sack.


RauterEnPolitie
Op het portal WO2 over de Tweede Wereldoorlog met lesmateriaal, bronnen, digitale tentoonstellingen en activiteiten in het land staat een bijzonder artikel over de moraliteit van politie agenten, marechaussees en militairen.

De titel "Dansen op een slap koord" geeft al aan, dat de militair historicus Christ Klap op een genuanceerdere manier probeert te kijken naar de moeilijke situaties waarin deze beroepsgroepen soms makkelijk als 'fout' worden veroordeeld, of het nu om Westerbork gaat, de Tweede Wereldoorlog in het algemeen, Srebrenica of andere situaties waarin het op persoonlijk stelling nemen aankomt.


Den Haag, 21 november 1942. Na oprichting van de Kameraadschapsbond der Nederlandsche Politie neemt bondsleider Majoor de Boer de gelukwensen van SS-Gruppenführer und Polizeileiter Hanns Albin Rauter in ontvangst. Uiterst links staat secretaris-generaal van het departement van Justitie, prof. dr. J.J. Schrieke.
Foto: Nationaal Archief/Collectie Spaarnestad/J. Borrius



in de Mei-oorlog strijdend voor het vaderland,
in 1944 omgekomen in het concentratiekamp Schwarzheide

Dankzij het speurwerk van Klaas Timmer te Gieten 1) weten we nu, dat de Joodse Assenaar in de Mei-oorlog van 1940 meestreed voor de vrijheid van ons vaderland. Jacob (Jaap) werd geboren op 6 maart 1919 te Assen. Hij was de oudste zoon van David Magnus en Henriette Heilbronn, en woonde bij zijn ouders aan de Rolderstraat 54. Van beroep was hij, net als zijn vader, paardenslager. Evenals zijn broer Heiman was hij lid van de Asser voetbalvereniging Achilles 1894. Hij diende als soldaat bij het legeronderdeel 2-1 GB. Reeds op de eerste dag van de Mei-oorlog werd hij gevangen genomen bij Holsloot in Drenthe. Klaas Timmer schrijft:

FaLang Language Switcher